Show notes
1. Ik ben de ware wijstok en mijn Vader is de wijnbouwer. 2. Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt hij weg, en iederer rank die wel vrucht draagt snoeit hij bij, opdat hij meer vruchten draagt.
1. Ik ben de ware wijstok en mijn Vader is de wijnbouwer. 2. Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt hij weg, en iederer rank die wel vrucht draagt snoeit hij bij, opdat hij meer vruchten draagt.